X
Het arboservicecentrum voor het voortgezet onderwijs
Arbo-VO image

Van verzuimmelding tot probleemanalyse

De eerste zes weken van het ziekteverzuim zijn vaak bepalend voor de duur van het verzuim. Met name bij psychisch verzuim is het van belang om niet af te wachten, maar direct actie te ondernemen. In het verzuimprotocol leg je de afspraken vast over wie, wat, wanneer doet bij verzuim. Onderstaande afspraken hebben betrekking op deze eerste zes weken van het verzuim.

Eerste afspraak

De direct leidinggevende informeert naar verwachte duur, de gevolgen die het verzuim heeft voor het werk en maakt een vervolgafspraak met de medewerker voor een volgend contact. Zo kan in overleg met de medewerker bepaald worden of, en zo ja wat, over het verzuim aan het onderwijsteam, leerlingen en ouders wordt medegedeeld. In de eerste zes weken van het verzuim is er in ieder geval wekelijks contact.

Overdracht werkzaamheden

De medewerker zorgt, indien mogelijk, voor een adequate overdracht van zijn werkzaamheden.

Registratie

De direct leidinggevende zorgt er voor dat de melding op de eerste dag van het verzuim wordt doorgegeven aan de arbodienst of een andere gecertificeerde arbodeskundige.

Eigen verklaring

Nadat de verzuimmelding is binnengekomen bij de arbodienst of een andere gecertificeerde arbodeskundige, zal deze informatie inwinnen over de aard en de mogelijke oorzaak van de ziekte. Daarbij maakt de deskundige gebruik van een schriftelijke of telefonische Eigen Verklaring.

Spreekuur

Mede aan de hand van de Eigen Verklaring bepaalt de arbodeskundige – bij voorkeur na overleg met de direct leidinggevende – of en wanneer de verzuimende medewerker wordt opgeroepen voor het spreekuur. Tijdstip van het eerste spreekuur hangt af van de aard van het verzuim. In de regel gebeurt dit in de derde week van het verzuim.

Verplichtingen werknemer

De medewerker moet tijdens zijn verzuim bereikbaar zijn voor de direct leidinggevende en voor het bestuur van de onderwijsinstelling. Uiteraard voor zover de gezondheidstoestand dit toelaat.
Andere - betaalde - werkzaamheden mag hij niet verrichten zonder toestemming van de bedrijfsarts, overleg met het bestuur van de onderwijsinstelling of de direct leidinggevende.
De verzuimende medewerker moet meewerken aan een spoedig herstel van zijn inzetbaarheid en meedenken over zijn re-integratie. Adviezen van de bedrijfsarts moet hij dus opvolgen en veranderingen in de situatie geeft hij door aan de direct leidinggevende.

Plichten werkgever

De werkgever verricht alle re-integratie-inspanningen die redelijkerwijs van hem kunnen worden verwacht om de medewerker snel weer aan het werk te helpen in de eigen onderwijsinstelling. Indien vaststaat dat de eigen arbeid niet meer kan worden verricht en er geen andere passende arbeid in de eigen organisatie voor handen is, bevordert de werkgever in voor de medewerker passende arbeid bij een andere werkgever.

Probleemanalyse

De direct leidinggevende ontvangt uiterlijk in de zesde ziekteweek - bij dreigend langdurig verzuim eerder - een (uitgebreide of beknopte) probleemanalyse met advies van de arbodienst of een bedrijfsarts. De direct leidinggevende zorgt dat de verzuimende medewerker ook een exemplaar ontvangt.