X
Het arboservicecentrum voor het voortgezet onderwijs
Arbo-VO image

Terugblik Masterclass huis van werkvermogen

27 januari 2011

Aan de slag met agemanagement

Huis van werkvermogen solide basis voor veranderingen

Tijdens de weken van het Werkvermogen (17 t/m 28 januari 2011) gaf de Finse professor Ilmarinen op diverse bijeenkomsten een toelichting op ‘zijn’ Huis van werkvermogen. Op 24 januari deed Ilmarinen zijn verhaal voor een zaal van geïnteresseerden uit het voortgezet onderwijs. “Ik hoop dat jullie het huis van werkvermogen ook gaan zien als jullie eigen huis ”, begon Ilmarinen zijn inleiding.

Voordat professor Ilmarinen van het Finnish Institute of Occupational Health (FIOH) aan het woord kwam, gaf dagvoorzitter Harry Mes het woord aan Sjoerd Slagter, voorzitter van de VO-raad. In het openingswoord had Slagter het over de noodzaak om te professionaliseren in het voortgezet onderwijs. “Met de vergrijzing in het voortgezet onderwijs en de toekomstige concurrentie op de arbeidsmarkt, is het belangrijk werknemers gezond en met plezier aan het werk te houden“, zei Slagter.

Huis van het werkvermogen

Vervolgens nam professorJuhani Ilmarinen het woord. Ilmarinen is de wereldwijde specialist op het gebied van leeftijdsbeleid. Zijn Workability Index (WAI), stelt het arbeidsvermogen van werknemers vast en wordt inmiddels in veel landen over de hele wereld toegepast. Ilmarinen startte met een korte uitleg over de verschillen in het voortgezet onderwijs tussen Nederland en Finland. De verschillen laten onverlet dat het toepassen van de WAI ook in Nederland perspectieven biedt voor het verbeteren van het werkvermogen van werknemers.

Ook legde hij het ‘huis van het werkvermogen’ uit. De vier ‘verdiepingen’ vertegenwoordigen verschillende dimensies van het individuele werkvermogen en staan in een bepaalde verhouding tot elkaar. Ilmarinen had een duidelijk beeld om het werkvermogen van werknemers te verbeteren. “Het oplossen van deze problematiek begint bij het aantrekkelijker maken van werk”, aldus Ilmarinen. “Maar dan is het nog niet klaar. De WAI is een aanleiding om de dialoog aan te gaan tussen werknemer en leidinggevende en te bespreken of de balans tussen werk en draaglast nog in evenwicht is of dat er aanpassingen noodzakelijk zijn. Het instrument is dus maar een onderdeel van een totaalbeleid.

Het gaat juist om de inbedding van het instrument in de organisatie. Belangrijk is dat niet alleen de werknemer zich bewust wordt van zijn rol, maar dat ook de school, de werkomgeving onder de loep neemt. Daarbij is het van belang dat er individuele oplossingen worden gegenereerd die door het management gefaciliteerd worden.”

Werkvermogen in het vo

Vervolgens ging Emile Thijssen, projectmanager Arbo-VO, verder met een presentatie over het project ‘werken aan werkvermogen’ van Arbo-VO. In dit project heeft Arbo-VO de WAI voor het voortgezet onderwijs uitgebreid met vragen over werkbeleving. Hiervoor is gekozen omdat de organisatie (op de vierde verdieping in het ‘huis van werkvermogen’) een belangrijke bijdrage levert aan het individuele werkvermogen. Hierin liggen tevens de aangrijpingspunten voor een school om zaken op organisatie niveau te verbeteren. In de vragenlijst over werkbeleving worden de thema’s ‘ervaren werkdruk’, ‘mentale klachten’, ‘werktevredenheid’ en ‘arbeidsomstandigheden’ gemeten.Als eerste schetste Thijssen de demografische stand van zaken in het voortgezet onderwijs. “Tot 2020 stroomt 34% van de werknemers uit het vo”, zegt Thijssen. “De uitstroom is echter per regio of zelfs per gemeente verschillend.” In de contextschets gaf Thijssen ook enkele oplossingsrichtingen aan.

“Om de grote uitstroom uit het vo te kunnen compenseren, zijn al projecten gestart. Zo is het voor zij-instromers en herintreders aantrekkelijk gemaakt om in het vo te komen werken. Maar om starters aan te trekken en te behouden is het voor werkgevers ook belangrijk dat het beroep, de sector en de school aantrekkelijk gemaakt worden. De functiemix en het imago-offensief ‘onderwijs: iedere dag weer anders’ zijn stappen in die richting. Maar al deze maatregelen zullen niet toereikend zijn om de tekorten in het vo op te vangen; langer doorwerken lijkt dan ook een bijdrage te kunnen leveren aan de oplossing. Thijssen: “De overheid heeft al diverse financiële maatregelen genomen om vervroegde uitstroom onaantrekkelijk te maken. Echter onderzoek toont aan dat het vergroten van financiële prikkels alleen, niet toereikend is om langer door te werken. Een goed active aging beleid is noodzakelijk om de demotiverende werking van financiële maatregelen te compenseren en om de productiviteit van oudere werknemers op peil te houden. Thijssen: “Het opzetten van een goed active aging beleid kan alleen worden bereikt door met elkaar de dialoog aan te gaan. Maar eerst zal er bewustwording gekweekt moeten worden, de uitgangssituatie moet inzichtelijk gemaakt worden. Daarvoor is de WAI een goed instrument.” In de presentatie werden de voornaamste resultaten van het project Werken aan werkvermogen in het vo gepresenteerd en werd verduidelijkt hoe dit project een bijdrage kan leveren aan het op gang brengen van de dialoog.

Werkvermogen in de praktijk

Met een verhaal uit de praktijk werd de Masterclass afgesloten. Het Dorenweerd College uit Doorwerth erkent het belang om medewerkers langer inzetbaar te houden. In 2009 heeft de school het werkvermogen van hun werknemers gemeten. Rector Rex Couzijn en personeelsfunctionaris Mariejan Wagter deelden hun ervaringen met het project Werken aan werkvermogen op het Dorenweerd College in Doorwerth. En lieten zien hoe het instrument tot goede resultaten heeft geleid. “Het Dorenweerd College wilde een goed gezondheidsbeleid opzetten”, vertelt Couzijn. “Als schoolleiding heb je wel een primair oordeel over het ziekteverzuim van collega’s, maar daar kun je de school niet mee in”, zegt Couzijn. “Het goede van de WAI is dat het een systematisch en evidence based onderzoek is.” Omdat het doel van de WAI in de eerste plaats is om individuele werknemers zicht te geven in hun werkvermogen, is het vooral ook een instrument dat bewustwording kweekt.”

Daarnaast gaf het project Werken aan werkvermogen werknemers inzicht en droeg het bij aan betere communicatie binnen de schoolorganisatie. “De kracht van de WAI is dat het mensen bewust maakt van de verantwoordelijkheid die ze hebben voor hun eigen keuzes”, aldus Wagter. “Het maakt ziekteverzuim bespreekbaar en je legt als werkgever niet alleen regels op, de werknemer gaat ook naar zichzelf kijken.”

Aan het einde van de Masterclass blikte professor Ilmarinen terug op de dag. Ilmarinen: “Nederland is al ver met het implementeren van de WAI in het voortgezet onderwijs. En met de aanvulling van vragen over psychosociale aspecten van het werk, zoals werkdruk en tevredenheid met het werk en de organisatie, heeft het vo een goed instrument om het werkvermogen van werknemers in kaart te brengen.”

Meer informatie

Wat is er nog meer verschenen over het thema:

Van werkdruk naar werkplezier